De of het handbalspeler?

Het juiste lidwoord is:

de handbalspeler

  • Meervoud: de handbalspelers
Betekenis (sport) sporter die handbal speelt

Zo gebruik je handbalspeler

Met lidwoordde handbalspeler
Dit of dezedeze handbalspeler
Dat of diedie handbalspeler
Ons of onzeonze handbalspeler
Jouwjouw handbalspeler
Elk of elkeelke handbalspeler
Welk of welkewelke handbalspeler?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote handbalspeler, de grote handbalspeler
Meervoudde handbalspelers, deze handbalspelers

Voorbeeldzinnen met handbalspeler

  • Erics eerste indruk was dat de man hem deed denken aan de handbalspeler Per Karlén in het nationale team, een meedogenloze doelpuntenmaker.
  • Volgens de rechtbank stak de oud-handbalspeler als bestuurder van een sportstichting tussen 2003 en 2006 ruim zes miljoen euro aan subsidie in commerciële doeleinden.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).