De of het grout?

Het juiste lidwoord is:

het grout

  • Meervoud: de grouten
  • Verkleinwoord: het groutje
Betekenis (materiaalkunde) een mengsel van cement, water en eventueel toeslagmateriaal en hulpstoffen, gebruikt in bijvoorbeeld bouwputten

Zo gebruik je grout

Met lidwoordhet grout
Dit of dezedit grout
Dat of diedat grout
Ons of onzeons grout
Jouwjouw grout
Elk of elkeelk grout
Welk of welkewelk grout?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot grout, het grote grout
Meervoudde grouten, deze grouten

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).