De of het grootoom?

Het juiste lidwoord is:

de grootoom

  • Meervoud: de grootooms
Betekenis broer van iemands opa of oma

Zo gebruik je grootoom

Met lidwoordde grootoom
Dit of dezedeze grootoom
Dat of diedie grootoom
Ons of onzeonze grootoom
Jouwjouw grootoom
Elk of elkeelke grootoom
Welk of welkewelke grootoom?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote grootoom, de grote grootoom
Meervoudde grootooms, deze grootooms

Voorbeeldzinnen met grootoom

  • “Sinds vijf jaar weet ik dat ook de naam van een grootoom op de poort staat.”
  • Je trekt gewoon een nieuw blik grootooms en achterneven open.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).