De of het grondpacht?

Het juiste lidwoord is:

de grondpacht

Zo gebruik je grondpacht

Met lidwoordde grondpacht
Dit of dezedeze grondpacht
Dat of diedie grondpacht
Ons of onzeonze grondpacht
Jouwjouw grondpacht
Elk of elkeelke grondpacht
Welk of welkewelke grondpacht?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote grondpacht, de grote grondpacht