De of het groentekar?

Het juiste lidwoord is:

de groentekar

  • Meervoud: de groentekarren
  • Verkleinwoord: het groentekarretje
Betekenis tweewielige kar waarop groente ligt uitgestald die door een groenteman wordt verkocht

Zo gebruik je groentekar

Met lidwoordde groentekar
Dit of dezedeze groentekar
Dat of diedie groentekar
Ons of onzeonze groentekar
Jouwjouw groentekar
Elk of elkeelke groentekar
Welk of welkewelke groentekar?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote groentekar, de grote groentekar
Meervoudde groentekarren, deze groentekarren

Voorbeeldzinnen met groentekar

  • Toen zijn groentekar in beslag werd genomen, stak hij zichzelf in brand uit onvrede over de uitzichtloosheid van de situatie van jongeren.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).