De of het groenbuik?

Het juiste lidwoord is:

de groenbuik

  • Meervoud: de groenbuiken
  • Verkleinwoord: het groenbuikje
Betekenis (zoötomie) dier met een groene buik

Zo gebruik je groenbuik

Met lidwoordde groenbuik
Dit of dezedeze groenbuik
Dat of diedie groenbuik
Ons of onzeonze groenbuik
Jouwjouw groenbuik
Elk of elkeelke groenbuik
Welk of welkewelke groenbuik?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote groenbuik, de grote groenbuik
Meervoudde groenbuiken, deze groenbuiken

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).