De of het griepgeval?

Het juiste lidwoord is:

het griepgeval

  • Meervoud: de griepgevallen
  • Verkleinwoord: het griepgevalletje
Betekenis (medisch) persoon of organisme die ziek is van de griep

Zo gebruik je griepgeval

Met lidwoordhet griepgeval
Dit of dezedit griepgeval
Dat of diedat griepgeval
Ons of onzeons griepgeval
Jouwjouw griepgeval
Elk of elkeelk griepgeval
Welk of welkewelk griepgeval?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot griepgeval, het grote griepgeval
Meervoudde griepgevallen, deze griepgevallen

Voorbeeldzinnen met griepgeval

  • Deze winter officieel nog geen enkel griepgeval gevonden.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).