De of het glazenmaker?

Het juiste lidwoord is:

de glazenmaker

  • Meervoud: de glazenmakers
  • Verkleinwoord: het glazenmakertje
Betekenis 1. (beroep) iemand die ruiten inzet 2. (libellen) libel van de familie Aeshnidae

Zo gebruik je glazenmaker

Met lidwoordde glazenmaker
Dit of dezedeze glazenmaker
Dat of diedie glazenmaker
Ons of onzeonze glazenmaker
Jouwjouw glazenmaker
Elk of elkeelke glazenmaker
Welk of welkewelke glazenmaker?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote glazenmaker, de grote glazenmaker
Meervoudde glazenmakers, deze glazenmakers

Woorden die eindigen op glazenmaker

venglazenmaker | azuurglazenmaker

Bij samenstellingen bepaalt het laatste deel het lidwoord. Bekijk de regel

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).