De of het gezusters?

Het juiste lidwoord is:

de gezusters

  • Meervoud: de gezusters
Betekenis zusters in betrekking tot elkaar of bij elkaar

Zo gebruik je gezusters

Met lidwoordde gezusters
Dit of dezedeze gezusters
Dat of diedie gezusters
Ons of onzeonze gezusters
Jouwjouw gezusters
Elk of elkeelke gezusters
Welk of welkewelke gezusters?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote gezusters, de grote gezusters
Meervoudde gezusters, deze gezusters

Voorbeeldzinnen met gezusters

  • Maria Sharapova is de op twee na beste meest succesvolle actieve tennisspeelster, op de gezusters Williams na.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).