De of het gereedschapsmaker?

Het juiste lidwoord is:

de gereedschapsmaker

  • Meervoud: de gereedschapsmakers
Betekenis 1. (beroep) iemand die duurzame voorwerpen vervaardigt die mensen gebruiken om hun werk te kunnen doen 2. (bedrijf) onderneming die duurzame voorwerpen vervaardigt die mensen gebruiken om hun werk te kunnen doen

Zo gebruik je gereedschapsmaker

Met lidwoordde gereedschapsmaker
Dit of dezedeze gereedschapsmaker
Dat of diedie gereedschapsmaker
Ons of onzeonze gereedschapsmaker
Jouwjouw gereedschapsmaker
Elk of elkeelke gereedschapsmaker
Welk of welkewelke gereedschapsmaker?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote gereedschapsmaker, de grote gereedschapsmaker
Meervoudde gereedschapsmakers, deze gereedschapsmakers

Voorbeeldzinnen met gereedschapsmaker

  • Hij werd gereedschapsmaker in een fabriek voor elektrische apparaten – en jaren later, van 2006 tot 2018, (partijloos) burgemeester van Suhl.
  • Gereedschapsmaker Joseph Opinel maakte 113 jaar geleden in zijn werkplaats in de Franse Alpen een mes waarvan er nu nog jaarlijks 4 miljoen worden verkocht.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).