De of het geneesmiddelenleer?

Het juiste lidwoord is:

de geneesmiddelenleer

  • Meervoud: de geneesmiddelenleren
  • Verkleinwoord: het geneesmiddelenleertje
Betekenis (wetenschap, scheikunde) kennis en leer van de geneesmiddelen en van de inwerking van chemische stoffen op levende organismen

Zo gebruik je geneesmiddelenleer

Met lidwoordde geneesmiddelenleer
Dit of dezedeze geneesmiddelenleer
Dat of diedie geneesmiddelenleer
Ons of onzeonze geneesmiddelenleer
Jouwjouw geneesmiddelenleer
Elk of elkeelke geneesmiddelenleer
Welk of welkewelke geneesmiddelenleer?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote geneesmiddelenleer, de grote geneesmiddelenleer
Meervoudde geneesmiddelenleren, deze geneesmiddelenleren

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).