De of het gemeentearchitect?

Het juiste lidwoord is:

de gemeentearchitect

  • Meervoud: de gemeentearchitecten
Betekenis bouwmeester die in diens is van de plaatselijke overheid

Zo gebruik je gemeentearchitect

Met lidwoordde gemeentearchitect
Dit of dezedeze gemeentearchitect
Dat of diedie gemeentearchitect
Ons of onzeonze gemeentearchitect
Jouwjouw gemeentearchitect
Elk of elkeelke gemeentearchitect
Welk of welkewelke gemeentearchitect?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote gemeentearchitect, de grote gemeentearchitect
Meervoudde gemeentearchitecten, deze gemeentearchitecten

Voorbeeldzinnen met gemeentearchitect

  • Voor beide plaatsen was mijn vader immers gemeentearchitect en hoofd van de gemeenschappelijke Dienst voor Bouw- en Woningtoezicht en Gemeentewerken geweest.
  • Prompt nadat ik een kopie van mijn vaders aanstellingsbrief als gemeentearchitect van Oude- en Nieuwe-Tonge, gedateerd 28 december 1951, had opgestuurd naar het organisatiecomité …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).