De of het gelegenheidsbezoek?

Het juiste lidwoord is:

het gelegenheidsbezoek

  • Meervoud: de gelegenheidsbezoeken
Betekenis visite met als voornaamste aanleiding dat de bezoeker om een andere reden toch al in de buurt was of tijd had

Zo gebruik je gelegenheidsbezoek

Met lidwoordhet gelegenheidsbezoek
Dit of dezedit gelegenheidsbezoek
Dat of diedat gelegenheidsbezoek
Ons of onzeons gelegenheidsbezoek
Jouwjouw gelegenheidsbezoek
Elk of elkeelk gelegenheidsbezoek
Welk of welkewelk gelegenheidsbezoek?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot gelegenheidsbezoek, het grote gelegenheidsbezoek
Meervoudde gelegenheidsbezoeken, deze gelegenheidsbezoeken

Voorbeeldzinnen met gelegenheidsbezoek

  • Want de goede buur is een vreemde nevenwoner geworden (ondanks gelegenheidsbezoek), men groet hem, wisselt nauwelijks een woord en zingt zeker nooit een lied met hem.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).