De of het geldhandel?

Het juiste lidwoord is:

de geldhandel

Zo gebruik je geldhandel

Met lidwoordde geldhandel
Dit of dezedeze geldhandel
Dat of diedie geldhandel
Ons of onzeonze geldhandel
Jouwjouw geldhandel
Elk of elkeelke geldhandel
Welk of welkewelke geldhandel?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote geldhandel, de grote geldhandel

Woorden die beginnen met geldhandel

geldhandelaar