De of het gedreig?

Het juiste lidwoord is:

het gedreig

Betekenis de handeling van het uiten van dreigementen

Zo gebruik je gedreig

Met lidwoordhet gedreig
Dit of dezedit gedreig
Dat of diedat gedreig
Ons of onzeons gedreig
Jouwjouw gedreig
Elk of elkeelk gedreig
Welk of welkewelk gedreig?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot gedreig, het grote gedreig

Voorbeeldzinnen met gedreig

  • Hou op met dat gedreig!

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).