De of het filiaalleider?

Het juiste lidwoord is:

de filiaalleider

  • Meervoud: de filiaalleiders
Betekenis (beroep) leidinggevende van een lokale vestiging van een bedrijf of organisatie

Zo gebruik je filiaalleider

Met lidwoordde filiaalleider
Dit of dezedeze filiaalleider
Dat of diedie filiaalleider
Ons of onzeonze filiaalleider
Jouwjouw filiaalleider
Elk of elkeelke filiaalleider
Welk of welkewelke filiaalleider?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote filiaalleider, de grote filiaalleider
Meervoudde filiaalleiders, deze filiaalleiders

Voorbeeldzinnen met filiaalleider

  • "Het was best even schrikken", zegt filiaalleider Rik van Bree van kringloopwinkel Het Goed tegen Omroep Brabant.
  • De winkel in Heerde blijft voorlopig open, zegt filiaalleider Pé Bouwman bij Omroep Gelderland.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).