De of het fietsbeugel?

Het juiste lidwoord is:

de fietsbeugel

  • Meervoud: de fietsbeugels
  • Verkleinwoord: het fietsbeugeltje
Betekenis vast, robuust metalen of betonnen object op straat, bedoeld om een fiets stabiel tegenaan te zetten en met een slot aan het frame vast te maken

Zo gebruik je fietsbeugel

Met lidwoordde fietsbeugel
Dit of dezedeze fietsbeugel
Dat of diedie fietsbeugel
Ons of onzeonze fietsbeugel
Jouwjouw fietsbeugel
Elk of elkeelke fietsbeugel
Welk of welkewelke fietsbeugel?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote fietsbeugel, de grote fietsbeugel
Meervoudde fietsbeugels, deze fietsbeugels

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).