De of het familietak?

Het juiste lidwoord is:

de familietak

  • Meervoud: de familietakken
Betekenis deel van een familie dat een bepaalde gemeenschappelijke voorouder heeft

Zo gebruik je familietak

Met lidwoordde familietak
Dit of dezedeze familietak
Dat of diedie familietak
Ons of onzeonze familietak
Jouwjouw familietak
Elk of elkeelke familietak
Welk of welkewelke familietak?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote familietak, de grote familietak
Meervoudde familietakken, deze familietakken

Voorbeeldzinnen met familietak

  • Toevalligerwijs kwam ik tijdens het schrijven in contact met mijn achterneef Jelle Brouwer, afkomstig uit dezelfde familietak (zijn oma en de mijne waren zussen).
  • „Mijn oma overleed precies op het moment dat ik haar familietak aan het uitspitten was.”

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).