De of het facit?

Het juiste lidwoord is:

het facit

  • Meervoud: de facits
Betekenis het resultaat van een (be)werking of berekening

Zo gebruik je facit

Met lidwoordhet facit
Dit of dezedit facit
Dat of diedat facit
Ons of onzeons facit
Jouwjouw facit
Elk of elkeelk facit
Welk of welkewelk facit?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot facit, het grote facit
Meervoudde facits, deze facits

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).