De of het eigenaarsgroep?

Het juiste lidwoord is:

de eigenaarsgroep

  • Meervoud: de eigenaarsgroepen
  • Verkleinwoord: het eigenaarsgroepje
Betekenis groep van mensen die samen een bedrijf bezitten

Zo gebruik je eigenaarsgroep

Met lidwoordde eigenaarsgroep
Dit of dezedeze eigenaarsgroep
Dat of diedie eigenaarsgroep
Ons of onzeonze eigenaarsgroep
Jouwjouw eigenaarsgroep
Elk of elkeelke eigenaarsgroep
Welk of welkewelke eigenaarsgroep?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote eigenaarsgroep, de grote eigenaarsgroep
Meervoudde eigenaarsgroepen, deze eigenaarsgroepen

Voorbeeldzinnen met eigenaarsgroep

  • De vergadering werd tot gesloten verklaard en nu was het tijd voor verfrissingen …
  • Daarvoor hebben het Brussels Gewest, de eigenaarsgroep T&T-project en de stad Brussel een protocolakkoord ondertekend.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).