De of het eigenaarsfamilie?

Het juiste lidwoord is:

de eigenaarsfamilie

  • Meervoud: de eigenaarsfamilies
Betekenis groep bloedverwanten die samen eigenaar zijn van een bedrijf

Zo gebruik je eigenaarsfamilie

Met lidwoordde eigenaarsfamilie
Dit of dezedeze eigenaarsfamilie
Dat of diedie eigenaarsfamilie
Ons of onzeonze eigenaarsfamilie
Jouwjouw eigenaarsfamilie
Elk of elkeelke eigenaarsfamilie
Welk of welkewelke eigenaarsfamilie?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote eigenaarsfamilie, de grote eigenaarsfamilie
Meervoudde eigenaarsfamilies, deze eigenaarsfamilies

Voorbeeldzinnen met eigenaarsfamilie

  • Als ze gelijk hadden met hun inschatting, en waarom zou dat niet zo zijn, dan zou de eigenaarsfamilie binnenkort toch ook onder deze geldregen staan?
  • Joel Glazer, telg van de steenrijke eigenaarsfamilie, bood in een open brief zijn excuses aan de fans.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).