De of het eierboor?

Het juiste lidwoord is:

de eierboor

  • Meervoud: de eierboren
  • Verkleinwoord: het eierboortje
Betekenis (huishouden) voorwerp om een gaatje in eieren te prikken, gebruikt om te voorkomen dat ze barsten tijdens het koken of voor het uitblazen van eieren die als versiering gebruikt worden

Zo gebruik je eierboor

Met lidwoordde eierboor
Dit of dezedeze eierboor
Dat of diedie eierboor
Ons of onzeonze eierboor
Jouwjouw eierboor
Elk of elkeelke eierboor
Welk of welkewelke eierboor?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote eierboor, de grote eierboor
Meervoudde eierboren, deze eierboren

Voorbeeldzinnen met eierboor

  • Verzamelaars gingen pas in de negentiende eeuw gebruikmaken van een eierboor, die lijkt op een verzinkboor en waarmee je tussen duim en wijsvinger draait om aan de zijkant van het ei een gaatje te …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).