De of het efemeride?

Het juiste lidwoord is:

de efemeride

  • Meervoud: de efemeriden
Betekenis 1. (haften) eendagsvlieg 2. vermelding van speciale gebeurtenissen die op een bepaalde dag van het jaar voorgevallen zijn

Zo gebruik je efemeride

Met lidwoordde efemeride
Dit of dezedeze efemeride
Dat of diedie efemeride
Ons of onzeonze efemeride
Jouwjouw efemeride
Elk of elkeelke efemeride
Welk of welkewelke efemeride?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote efemeride, de grote efemeride
Meervoudde efemeriden, deze efemeriden

Voorbeeldzinnen met efemeride

  • Een kalender met efemeride.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).