De of het eenpitter?

Het juiste lidwoord is:

de eenpitter

  • Meervoud: de eenpitters
  • Verkleinwoord: het eenpittertje
Betekenis 1. eenmanszaak 2. basisschool zonder professioneel bestuur

Zo gebruik je eenpitter

Met lidwoordde eenpitter
Dit of dezedeze eenpitter
Dat of diedie eenpitter
Ons of onzeonze eenpitter
Jouwjouw eenpitter
Elk of elkeelke eenpitter
Welk of welkewelke eenpitter?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote eenpitter, de grote eenpitter
Meervoudde eenpitters, deze eenpitters

Voorbeeldzinnen met eenpitter

  • De advocaat is een eenpitter in Amsterdam.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).