De of het discounter?

Het juiste lidwoord is:

de discounter

  • Meervoud: de discounters
Betekenis bedrijf dat producten met hoge korting verkoopt

Zo gebruik je discounter

Met lidwoordde discounter
Dit of dezedeze discounter
Dat of diedie discounter
Ons of onzeonze discounter
Jouwjouw discounter
Elk of elkeelke discounter
Welk of welkewelke discounter?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote discounter, de grote discounter
Meervoudde discounters, deze discounters

Voorbeeldzinnen met discounter

  • Fotolijstjes, grote vazen, tandpasta, snoep, speelgoed: winkelketen Action is een hype. De nog relatief jonge discounter is een luis-in-de-pels van de gevestigde orde zoals Blokker, Hema en Kruidvat.
  • Discounter Kwantum in de etalage

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).