De of het diamantbewerker?

Het juiste lidwoord is:

de diamantbewerker

  • Meervoud: de diamantbewerkers
Betekenis (beroep) persoon die ruwe diamanten zo bewerkt dat ze in sieraden kunnen worden gebruikt

Zo gebruik je diamantbewerker

Met lidwoordde diamantbewerker
Dit of dezedeze diamantbewerker
Dat of diedie diamantbewerker
Ons of onzeonze diamantbewerker
Jouwjouw diamantbewerker
Elk of elkeelke diamantbewerker
Welk of welkewelke diamantbewerker?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote diamantbewerker, de grote diamantbewerker
Meervoudde diamantbewerkers, deze diamantbewerkers

Voorbeeldzinnen met diamantbewerker

  • Ik woon in een klein huisje. Ik was vroeger diamantbewerker. Het is goed zo. Geen groter huis of grote auto. Misschien koop ik een nieuwe fiets. Ik fiets heel graag.
  • Ook komen interessante cultuurhistorische aspecten die te maken hebben met diamant aan bod. Zoals de geschiedenis van de Nederlandse diamantbewerkers en hoe deze beroepsgroep zich organiseerde.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).