De of het derde-eeuwer?

Het juiste lidwoord is:

de derde-eeuwer

  • Meervoud: de derde-eeuwers
  • Verkleinwoord: het derde-eeuwertje
Betekenis iemand die in de derde eeuw heeft geleefd

Zo gebruik je derde-eeuwer

Met lidwoordde derde-eeuwer
Dit of dezedeze derde-eeuwer
Dat of diedie derde-eeuwer
Ons of onzeonze derde-eeuwer
Jouwjouw derde-eeuwer
Elk of elkeelke derde-eeuwer
Welk of welkewelke derde-eeuwer?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote derde-eeuwer, de grote derde-eeuwer
Meervoudde derde-eeuwers, deze derde-eeuwers

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).