De of het deelcertificaat?

Het juiste lidwoord is:

het deelcertificaat

  • Meervoud: de deelcertificaten
Betekenis (onderwijs) een schriftelijk bewijs van het slagen voor een of meer onderdelen van een cursus, van een vakkenpakket

Zo gebruik je deelcertificaat

Met lidwoordhet deelcertificaat
Dit of dezedit deelcertificaat
Dat of diedat deelcertificaat
Ons of onzeons deelcertificaat
Jouwjouw deelcertificaat
Elk of elkeelk deelcertificaat
Welk of welkewelk deelcertificaat?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot deelcertificaat, het grote deelcertificaat
Meervoudde deelcertificaten, deze deelcertificaten

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).