De of het deïst?

Het juiste lidwoord is:

de deïst

  • Meervoud: de deïsten
Betekenis (religie) aanhanger van het deïsme, een religieus-filosofische opvatting die God als transcendente oorzaak van de natuurwetten beschouwt

Zo gebruik je deïst

Met lidwoordde deïst
Dit of dezedeze deïst
Dat of diedie deïst
Ons of onzeonze deïst
Jouwjouw deïst
Elk of elkeelke deïst
Welk of welkewelke deïst?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote deïst, de grote deïst
Meervoudde deïsten, deze deïsten

Voorbeeldzinnen met deïst

  • Ze waren geen christenen, maar deïsten en vrijmetselaars.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).