De of het daadzaak?

Het juiste lidwoord is:

de daadzaak

  • Meervoud: de daadzaken
  • Verkleinwoord: het daadzaakje
Betekenis (verouderd) feit, iets feitelijks

Zo gebruik je daadzaak

Met lidwoordde daadzaak
Dit of dezedeze daadzaak
Dat of diedie daadzaak
Ons of onzeonze daadzaak
Jouwjouw daadzaak
Elk of elkeelke daadzaak
Welk of welkewelke daadzaak?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote daadzaak, de grote daadzaak
Meervoudde daadzaken, deze daadzaken

Voorbeeldzinnen met daadzaak

  • Die eed kan alleen worden opgedragen omtrent een daadzaak welke persoonlijk zoude zijn verricht.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).