De of het contractor?

Het juiste lidwoord is:

de contractor

  • Meervoud: de contractors / contractoren
Betekenis (economie) een ingehuurde arbeidskracht van een dienstverlenende onderneming of toeleverancier

Zo gebruik je contractor

Met lidwoordde contractor
Dit of dezedeze contractor
Dat of diedie contractor
Ons of onzeonze contractor
Jouwjouw contractor
Elk of elkeelke contractor
Welk of welkewelke contractor?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote contractor, de grote contractor
Meervoudde contractors, deze contractors

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).