De of het clubleider?

Het juiste lidwoord is:

de clubleider

  • Meervoud: de clubleiders
Betekenis aanvoerder van een club; hoogste functionaris bij een club

Zo gebruik je clubleider

Met lidwoordde clubleider
Dit of dezedeze clubleider
Dat of diedie clubleider
Ons of onzeonze clubleider
Jouwjouw clubleider
Elk of elkeelke clubleider
Welk of welkewelke clubleider?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote clubleider, de grote clubleider
Meervoudde clubleiders, deze clubleiders

Voorbeeldzinnen met clubleider

  • De voormalige motorclubleider zegt dat zij kunnen verklaren dat er jarenlang een goede verstandhouding is geweest tussen No Surrender en de gemeente.
  • Afgelopen maart zijn er twee aanslagen gepleegd op de woning van de clubleider. Beide keren was een explosief gebruikt.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).