De of het christenman?

Het juiste lidwoord is:

de christenman

  • Meervoud: de christenmannen / christenlieden / christenlui
  • Verkleinwoord: het christenmannetje
Betekenis 1. (religie) mannelijk persoon met een christelijk geloof 2. (figuurlijk) beschaafd of westers mannelijk persoon

Zo gebruik je christenman

Met lidwoordde christenman
Dit of dezedeze christenman
Dat of diedie christenman
Ons of onzeonze christenman
Jouwjouw christenman
Elk of elkeelke christenman
Welk of welkewelke christenman?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote christenman, de grote christenman
Meervoudde christenmannen, deze christenmannen

Voorbeeldzinnen met christenman

  • Ook voor deze stelling schudt Potter precedenten uit zijn mouw: aartsvader Jacob voorop, maar ook anonieme anderen …
  • Gelukkig vertelde men me ook dat ik lange tijd zou moeten doorrijden voor ik weer een christenman of -vrouw zou ontmoeten.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).