De of het caribist?

Het juiste lidwoord is:

de caribist

  • Meervoud: de caribisten
Regel Woorden op -ist: bijna altijd de. Bekijk de regel
Betekenis (beroep) deskundige op het gebied van de Caraïben en de caraïbistiek

Zo gebruik je caribist

Met lidwoordde caribist
Dit of dezedeze caribist
Dat of diedie caribist
Ons of onzeonze caribist
Jouwjouw caribist
Elk of elkeelke caribist
Welk of welkewelke caribist?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote caribist, de grote caribist
Meervoudde caribisten, deze caribisten

Voorbeeldzinnen met caribist

  • In plaats van zich als look-a-like van Fanon of Hoetink te manifesteren, is het volgens Guadeloupe van belang dat Caribisten zich rekenschap geven van the World of the You …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).