De of het cakeblik?

Het juiste lidwoord is:

het cakeblik

  • Meervoud: de cakeblikken
Betekenis een metalen bak waarin men een cake kan bakken

Zo gebruik je cakeblik

Met lidwoordhet cakeblik
Dit of dezedit cakeblik
Dat of diedat cakeblik
Ons of onzeons cakeblik
Jouwjouw cakeblik
Elk of elkeelk cakeblik
Welk of welkewelk cakeblik?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot cakeblik, het grote cakeblik
Meervoudde cakeblikken, deze cakeblikken

Voorbeeldzinnen met cakeblik

  • Sybil worstelde met een cakeblik dat niet open wilde.
  • Bij deze cake komt er geen oven aan te pas. Meng alles samen, schep het in een cakeblik, laat 2 uur opstijven in de koelkast en je kan al genieten van deze heerlijk arretjescake.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).