De of het cadeaucheque?

Het juiste lidwoord is:

de cadeaucheque

  • Meervoud: de cadeaucheques
Betekenis een bon die je aan iemand als gift geeft en waarmee de ontvanger zelf een presentje kan kopen

Zo gebruik je cadeaucheque

Met lidwoordde cadeaucheque
Dit of dezedeze cadeaucheque
Dat of diedie cadeaucheque
Ons of onzeonze cadeaucheque
Jouwjouw cadeaucheque
Elk of elkeelke cadeaucheque
Welk of welkewelke cadeaucheque?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote cadeaucheque, de grote cadeaucheque
Meervoudde cadeaucheques, deze cadeaucheques

Voorbeeldzinnen met cadeaucheque

  • Dus het schrappen van zo'n cadeautje is erg dom, een slecht signaal naar je medewerkers." Een baas die het afdoet met een cadeaucheque, laat volgens Dolfsma wel erg blijken ongeïnteresseerd te zijn.
  • De BKT-Zorg in Ootmarsum zit zo te springen om nieuw personeel, dat ze een cadeaucheque van 75 euro beschikbaar stelt aan degene die een nieuwe collega aanbrengt.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).