De of het burgerswoning?

Het juiste lidwoord is:

de burgerswoning

  • Meervoud: de burgerswoningen
  • Verkleinwoord: het burgerswoninkje
Regel Woorden op -ing: bijna altijd de. Bekijk de regel
Betekenis een huis dat bedoeld is voor gewone bewoning en niet bij een bedrijf hoort. Het belangrijkste kenmerk is dat iedereen er mag wonen. Er is geen verbintenis met een specifiek beroep of bedrijf.

Zo gebruik je burgerswoning

Met lidwoordde burgerswoning
Dit of dezedeze burgerswoning
Dat of diedie burgerswoning
Ons of onzeonze burgerswoning
Jouwjouw burgerswoning
Elk of elkeelke burgerswoning
Welk of welkewelke burgerswoning?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote burgerswoning, de grote burgerswoning
Meervoudde burgerswoningen, deze burgerswoningen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).