De of het bunk?

Het juiste lidwoord is:

de bunk

  • Meervoud: de bunks
Betekenis slaapplaats in schip of trein

Zo gebruik je bunk

Met lidwoordde bunk
Dit of dezedeze bunk
Dat of diedie bunk
Ons of onzeonze bunk
Jouwjouw bunk
Elk of elkeelke bunk
Welk of welkewelke bunk?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote bunk, de grote bunk
Meervoudde bunks, deze bunks

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).