De of het buidelwoning?

Het juiste lidwoord is:

de buidelwoning

  • Meervoud: de buidelwoningen
  • Verkleinwoord: het buidelwoninkje
Regel Woorden op -ing: bijna altijd de. Bekijk de regel
Betekenis 1. (bouwkunde, maatschappij) eigen huisvesting voor iemand die mantelzorg ontvangt, in een bouwwerk dat ook eigen huisvesting voor de mantelzorgers biedt 2. (bouwkunde, maatschappij) bouwwerk met een deel waar iemand kan leven die mantelzorg ontvangt en een deel waar de mantelzorger kan leven

Zo gebruik je buidelwoning

Met lidwoordde buidelwoning
Dit of dezedeze buidelwoning
Dat of diedie buidelwoning
Ons of onzeonze buidelwoning
Jouwjouw buidelwoning
Elk of elkeelke buidelwoning
Welk of welkewelke buidelwoning?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote buidelwoning, de grote buidelwoning
Meervoudde buidelwoningen, deze buidelwoningen

Voorbeeldzinnen met buidelwoning

  • Het gezin woont boven, de ouders of schoonouders leven in de ‘buidelwoning’.
  • Samen met partner Rachid Bakkali (24) bewoont Van Loon de hoofdwoning, haar opa woont in de zogenoemde buidelwoning.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).