De of het buffetjuffrouw?

Het juiste lidwoord is:

de buffetjuffrouw

  • Meervoud: de buffetjuffrouwen
Betekenis (beroep) horecamedewerkster die vanachter een buffet de gasten bedient

Zo gebruik je buffetjuffrouw

Met lidwoordde buffetjuffrouw
Dit of dezedeze buffetjuffrouw
Dat of diedie buffetjuffrouw
Ons of onzeonze buffetjuffrouw
Jouwjouw buffetjuffrouw
Elk of elkeelke buffetjuffrouw
Welk of welkewelke buffetjuffrouw?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote buffetjuffrouw, de grote buffetjuffrouw
Meervoudde buffetjuffrouwen, deze buffetjuffrouwen

Voorbeeldzinnen met buffetjuffrouw

  • Hij groette links en rechts zijn kennissen, die ook hier, zoals overal, zijn groet vrolijk beantwoordden en liep door naar het buffet …
  • Een buffetjuffrouw wordt „de godin van de voorbije tijd”, vlinders doen hem aan de doodsstrijd en de vergankelijkheid denken.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).