De of het brugperiode?

Het juiste lidwoord is:

de brugperiode

  • Meervoud: de brugperioden / brugperiodes
Regel Woorden op -ode: altijd de. Bekijk de regel
Betekenis tijdperk tussen twee niet aansluitende toestanden

Zo gebruik je brugperiode

Met lidwoordde brugperiode
Dit of dezedeze brugperiode
Dat of diedie brugperiode
Ons of onzeonze brugperiode
Jouwjouw brugperiode
Elk of elkeelke brugperiode
Welk of welkewelke brugperiode?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote brugperiode, de grote brugperiode
Meervoudde brugperioden, deze brugperioden

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).