De of het broodkar?

Het juiste lidwoord is:

de broodkar

  • Meervoud: de broodkarren
  • Verkleinwoord: het broodkarretje
Betekenis wagen waarmee men brood naar de klanten brengt

Zo gebruik je broodkar

Met lidwoordde broodkar
Dit of dezedeze broodkar
Dat of diedie broodkar
Ons of onzeonze broodkar
Jouwjouw broodkar
Elk of elkeelke broodkar
Welk of welkewelke broodkar?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote broodkar, de grote broodkar
Meervoudde broodkarren, deze broodkarren

Voorbeeldzinnen met broodkar

  • Je bed wordt maar eens in de veertien dagen verschoond." Ze maakt ook bezwaar tegen het schrappen van voorzieningen als de broodkar en het niet meer verstrekken van warme pap en melk …
  • Er wachtte nog een nieuwe broodkar om ook geolied en vernist te worden en al het ijzerwerk zwart.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).