De of het broekstuk?

Het juiste lidwoord is:

het broekstuk

  • Meervoud: de broekstukken
  • Verkleinwoord: het broekstukje
Betekenis 1. een deel van het uitlaatsysteem van een motorfiets of auto dat twee pijpen samenvoegt, bijvoorbeeld door het dempergedeelte over het bochtgedeelte te schuiven 2. (militair) deel van een kanon dat zich achter de tappen bevindt

Zo gebruik je broekstuk

Met lidwoordhet broekstuk
Dit of dezedit broekstuk
Dat of diedat broekstuk
Ons of onzeons broekstuk
Jouwjouw broekstuk
Elk of elkeelk broekstuk
Welk of welkewelk broekstuk?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot broekstuk, het grote broekstuk
Meervoudde broekstukken, deze broekstukken

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).