De of het breedparkeerder?

Het juiste lidwoord is:

de breedparkeerder

  • Meervoud: de breedparkeerders
Betekenis persoon die de auto niet precies in één parkeervak heeft geparkeerd en zodoende twee parkeervakken gebruikt; iemand die teveel parkeerruimte inneemt

Zo gebruik je breedparkeerder

Met lidwoordde breedparkeerder
Dit of dezedeze breedparkeerder
Dat of diedie breedparkeerder
Ons of onzeonze breedparkeerder
Jouwjouw breedparkeerder
Elk of elkeelke breedparkeerder
Welk of welkewelke breedparkeerder?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote breedparkeerder, de grote breedparkeerder
Meervoudde breedparkeerders, deze breedparkeerders

Voorbeeldzinnen met breedparkeerder

  • De 'breedparkeerders' kosten de particuliere garages namelijk geld en de garage-eigenaren moeten steeds efficiënter werken.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).