De of het braakjaar?

Het juiste lidwoord is:

het braakjaar

  • Meervoud: de braakjaren
Betekenis (landbouw) jaar dat een akker onbebouwd blijft

Zo gebruik je braakjaar

Met lidwoordhet braakjaar
Dit of dezedit braakjaar
Dat of diedat braakjaar
Ons of onzeons braakjaar
Jouwjouw braakjaar
Elk of elkeelk braakjaar
Welk of welkewelk braakjaar?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot braakjaar, het grote braakjaar
Meervoudde braakjaren, deze braakjaren

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).