De of het bovengoed?

Het juiste lidwoord is:

het bovengoed

Betekenis (kleding) de bovenste laag kleding

Zo gebruik je bovengoed

Met lidwoordhet bovengoed
Dit of dezedit bovengoed
Dat of diedat bovengoed
Ons of onzeons bovengoed
Jouwjouw bovengoed
Elk of elkeelk bovengoed
Welk of welkewelk bovengoed?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot bovengoed, het grote bovengoed

Voorbeeldzinnen met bovengoed

  • Wasserettes als deze, waar vreemde mensen elkaar ontmoetten en zwijgend het intieme ritueel uitvoerden van het in het openbaar wassen van onder- en bovengoed vormden een aspect van een wereld die …
  • De liefhebbers kunnen bij Zara Enschede straks terecht voor mannen- en vrouwenkleding, onder- en bovengoed, schoenen en accessoires.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).