De of het bouwtoezicht?

Het juiste lidwoord is:

het bouwtoezicht

Betekenis (bouwkunde) instantie die controleert of het gebouwde wel aan de bouwvoorschriften voldoet

Zo gebruik je bouwtoezicht

Met lidwoordhet bouwtoezicht
Dit of dezedit bouwtoezicht
Dat of diedat bouwtoezicht
Ons of onzeons bouwtoezicht
Jouwjouw bouwtoezicht
Elk of elkeelk bouwtoezicht
Welk of welkewelk bouwtoezicht?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot bouwtoezicht, het grote bouwtoezicht

Voorbeeldzinnen met bouwtoezicht

  • Den Haag stopt voorlopig met particulier bouwtoezicht
  • Van alle Leidse terrassen voldoen er vijf aan de strenge regels van de gemeente. Dat schrijft Omroep West; die constatering staat in het Uitvoeringsprogramma bouwtoezicht voor dit jaar.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).