De of het bouwproductie?

Het juiste lidwoord is:

de bouwproductie

  • Meervoud: de bouwproducties
Regel Woorden op -tie en -sie: bijna altijd de. Bekijk de regel
Betekenis de hoeveelheid gebouwen die er worden gebouwd

Zo gebruik je bouwproductie

Met lidwoordde bouwproductie
Dit of dezedeze bouwproductie
Dat of diedie bouwproductie
Ons of onzeonze bouwproductie
Jouwjouw bouwproductie
Elk of elkeelke bouwproductie
Welk of welkewelke bouwproductie?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote bouwproductie, de grote bouwproductie
Meervoudde bouwproducties, deze bouwproducties

Voorbeeldzinnen met bouwproductie

  • Het EIB zegt dat het woonakkoord enkele scherpe kanten van het regeerakkoord afhaalt, maar dat het niet kan voorkomen dat het beleid de vraag naar woningen en de bouwproductie stevig afremt.
  • De vooruitzichten voor de bouwproductie zijn opnieuw verslechterd. Het Economisch Instituut Bouwnijverheid (EIB) heeft zijn verwachtingen verder verlaagd.

Woorden die eindigen op bouwproductie

landbouwproductie | woningbouwproductie

Bij samenstellingen bepaalt het laatste deel het lidwoord. Bekijk de regel

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).