De of het botermerk?

Het juiste lidwoord is:

het botermerk

  • Meervoud: de botermerken
Betekenis bij de wet vastgesteld merk, door de botercontrolestations aan producenten uitgereikt

Zo gebruik je botermerk

Met lidwoordhet botermerk
Dit of dezedit botermerk
Dat of diedat botermerk
Ons of onzeons botermerk
Jouwjouw botermerk
Elk of elkeelk botermerk
Welk of welkewelk botermerk?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot botermerk, het grote botermerk
Meervoudde botermerken, deze botermerken

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).