De of het boomwortel?

Het juiste lidwoord is:

de boomwortel

  • Meervoud: de boomwortels
  • Verkleinwoord: het boomworteltje
Betekenis (plantkunde) wortel waarmee een boom vastzit in de grond

Zo gebruik je boomwortel

Met lidwoordde boomwortel
Dit of dezedeze boomwortel
Dat of diedie boomwortel
Ons of onzeonze boomwortel
Jouwjouw boomwortel
Elk of elkeelke boomwortel
Welk of welkewelke boomwortel?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote boomwortel, de grote boomwortel
Meervoudde boomwortels, deze boomwortels

Voorbeeldzinnen met boomwortel

  • Ik struikelde over een boomwortel of een steen en viel.
  • US Open-kampioen Rory McIlroy raakte op zijn derde hole een boomwortel en werd behandeld aan zijn pols. Hij maakte zijn ronde wel af en kwam uit op 70 slagen.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).